Naar overzicht

Trump laat ego strelen in Peking

De Amerikaanse president Donald Trump reist naar China op staatsbezoek. Behoudens verrassingen mogen we een passage verwachten die bol staat van egostrelende pracht en praal, maar inhoudelijk hol blijft. De Verenigde Staten en China kennen een stabiele spanning door het handelscompromis dat in november dit jaar moet worden verlengd. Ondanks hun onderlinge rivaliteit zitten beide landen in een vorm van wederzijdse strategische afhankelijkheid – Amerika van Chinese zeldzame aardse metalen, China van Nvidia-chips. Ze willen allebei snel autonomer worden en ondertussen vooral escalatie vermijden. 

Nogal wat waarnemers vinden Trump verrassend vriendelijk jegens China. Ongetwijfeld zal de would-be autocraat bonhomie aan de dag leggen tegenover de echte autocraat Xi. Maar Trump heeft geen nieuwe handelsoorlog nodig om de grootmachtenrivaliteit met China te onderstrepen. De belangrijkste Amerikaanse handelstarieven tegen China dateren van tijdens zijn eerste presidentschap en dat van Joe Biden. Die blijven intact en zorgen ervoor dat China tarieven van 50 tot 100 procent betaalt op kritieke invoer zoals elektrische wagens, chips en zonnepanelen – de hoogste van alle landen die exporteren naar de Verenigde Staten. 

Trump II is geen pauzering, maar een verdieping van de strategische concurrentiestrijd tussen de Verenigde Staten en China. Enkele voorbeelden. De zwarte lijst van Chinese bedrijven die geen toegang krijgen tot Amerikaanse technologie is sinds 2025 fors uitgebreid. De Verenigde Staten willen alle bedrijven die een rol spelen in China’s militair‑technologische ontwikkeling uitsluiten van waardenketens waarin Amerikaanse knowhow zit. Op het gebied van AI voert Amerika een race naar suprematie, gedreven door commerciële deregulering en agressieve militarisering. Dat laatste past in een nieuwe wapenwedloop waarmee Amerika ongenaakbaar moet blijven – het federale defensiebudget zou in 2027 met maar liefst 40 procent toenemen. 

De buitenlandse avonturen van Trump zijn niet bepaald voordelig voor de reputatie van Amerika en het vertrouwen van landen in Amerika als een partner. Maar ze onderstrepen wel de enorme dominantie van de Verenigde Staten op het vlak van energie. De wereldwijde energieshock door de oorlog in het Midden-Oosten is voor Amerika een consumentenprobleem aan de benzinepomp, maar voor het overige vooralsnog een bonanza aan export van olie en gas. Voor veel andere landen is Iran een energieramp. Ook voor China, al is de shock daar minder onmiddellijk door grote voorraden. Iran, net als Venezuela, is voor Peking een hoofdpijndossier van Chinese energiekwetsbaarheid. 

Trump jaagt sommige landen richting China voor stabiliteit en handel – denk aan Canada. Maar veel landen hebben geen echt alternatief voor Amerika. Europa, Japan, Zuid-Korea en Australië bijvoorbeeld herbewapenen en zoeken vooral meer strategische autonomie, ook ten aanzien van China. Indirect mobiliseert Trump zo andere landen in de wereldwijde machtsbalans met China, niet altijd intiem aan Amerikaanse zijde, maar wel als een complicerende factor voor Peking. 

Taiwan is het grote vraagteken. Als Amerika niet maalt om Oekraïne, als het zelf het recht van de sterkste beoefent, als de NAVO een vodje papier is, zal Trump dan wel consistent de onafhankelijkheid van Taiwan blijven verdedigen? Of vindt de sluwe Xi een opening om diplomatiek te scoren met een nieuw normaal dat Peking kan exploiteren als drukkingsmiddel tegen Taipei? Zal China bijvoorbeeld een rol spelen in het pacificeren van Iran en zo een voet tussen de deur krijgen om stille Amerikaanse concessies los te weken? Het valt niet uit te sluiten dat Trump valt voor de schijn van een verbroedering met een dubbele bodem. Maar ook dat zal toch vooral schijn zijn. De grootmachtenwedstrijd tussen China en de Verenigde Staten is nog maar het begonnen.

Marc De Vos De auteur is co-CEO van de denktank Itinera, strategieconsultant en doceert aan de UGent. www.marcdevos.eu

Weergave van column in Trends geschreven in naam