Leve de stress
Toen ik enkele jaren geleden chief of staff bij een scale-up was, leerde de CEO me een interessante les die me nooit meer heeft losgelaten. Hij sprak over het verschil tussen externe stress en stress die je jezelf aandoet. De eerste komt van buitenaf, van dingen die mislopen. De tweede leg je jezelf op. En als ik eerlijk ben, valt het grootste deel van mijn stress – en mogelijk ook de uwe – in de tweede categorie.
Het is een oeroud onderscheid. De stoïcijnen bouwden er hun levenskunst omheen. De Romeinse filosoof Epictetus stelde al vast dat sommige dingen in onze macht liggen en andere niet, en dat onrust ontstaat wanneer we ons vastbijten in dat tweede. Een andere grote stoïcijn, Seneca, die een drukbezet man was, voegde eraan toe dat we vaker in onze verbeelding lijden dan in werkelijkheid. Wie dat ter harte neemt, beseft dat een flink deel van de spanning niet door omstandigheden wordt veroorzaakt, maar door het belang dat we eraan geven.
Neem een doordeweekse dag. Ik sta vroeg op en de eerste uren bewaar ik voor diepgaand werk: analyse, lezen, research, schrijven. Die stille ochtenduren zijn voor mij heilig. Ze geven me het gevoel dat de dag al nuttig is geweest voordat hij goed en wel begonnen is. Vanaf acht uur kantelt het. Dan begint de meetingmania, de ene afspraak na de andere, een lezing of keynote ertussendoor, en dat gaat tot ’s avonds door. Ik probeer ergens tijdens de dag ook wat te sporten in de fitnessclub. Ik ben weinig thuis en het zijn steevast lange dagen – zelfs in het weekend.
Als ik die dagen overloop, zijn er genoeg momenten waarop ik gespannen ben. Maar telkens komt de vraag van mijn oude baas terug: hoeveel van die stress doe ik mezelf aan? Het antwoord is ontnuchterend. Ik leg mezelf veel druk op. Ik ben in veel dingen een mega-optimalisator, en dat heeft me geen windeieren gelegd. Maar dezelfde reflex die alles tot het uiterste wil benutten, is ook een valkuil. Veel van mijn stressoren kies ik zelf. De deadline die ik mezelf opleg. De belofte aan klanten dat ik altijd binnen de vierentwintig uur antwoord, ongeacht of het een onnozele of een belangrijke mail is. Niemand vraagt me dat. Het is mijn eigen lat, en op zich is daar niets mis mee. Maar het is een lat die ik zelf hoger en hoger leg, om dan te schrikken van de hoogte.
Dat simpele besef geeft me een enorme rust. Maar er is meer. Daarop voortbouwend zijn er volgens mij twee soorten druk die je kunt ervaren als professional. Druk door drukte en druk door een gevoel van urgentie. Die halen we vaak door elkaar. Druk door drukte, een te volle agenda, voelt aan als productief, maar dat is het niet. Een volle agenda op zich zegt niets. Dat ik lange dagen werk, doet er eigenlijk niet toe. Wat telt, is dat het werk kwalitatief is en me verder richting een doel laat bewegen. Een drukke dag is geen prestatie. Een dag die iets wezenlijks vooruithelpt, is wel een verwezenlijking.
Druk door urgentie is iets anders. Dat is voor mij de gezonde stress. Want als je druk voelt omdat je urgentie voelt, betekent dat dat je bezig bent met nuttig en relevant werk. Werk waarvan jij vindt dat het je dichter bij je eindbestemming brengt. Met gretigheid naar kansen in het leven kijken, vind ik mooi. Ik koester de drive en de ambitie.
Dat brengt me bij een tweede les die ik koester. Die leerde ik van een klant. Druk is een privilege, en dus moet je die niet wegwensen. Je moet ermee omgaan. Wanneer iemand een grote sprong maakt, in de carrière of in het leven in het algemeen, gaat het altijd eerst even moeilijker, merk ik. Je voelt weerstand. Om dan achteraf te merken dat die spanning geen defect was, maar het teken dat je een volgende etappe bent begonnen.
Julien De Wit, de auteur is publicist, ondernemer, eigenaar van het strategisch consultingbureau Thinkahead Inc en onderzoeker bij de denktank Itinera. www.juliendewit.be
Weergave van column in Trends, geschreven in eigen naam.