Naar overzicht

De schaduw van Orbán

Europa haalt opgelucht adem. De verpletterende overwinning van Péter Magyar en de verenigde Hongaarse oppositie is niet alleen een historische nederlaag voor Viktor Orbán, het is ook een nederlaag voor anti-EU-populisme, voor het Orbánisme dat symbool staat voor de zogenaamde “illiberale democratie”, voor de cultuuroorlog die de Trump-regering vanuit Amerika naar Europa wil exporteren, voor het Poetinregime dat vergeefs alle registers van verkiezingsmanipulatie heeft opengetrokken, en voor alle duistere krachten die samenspannen om Oekraïne te doen zwichten voor Russische agressie.

We mogen dus blij zijn, maar we moeten ook voorzichtig blijven. Orbán verliest een verkiezing, maar de Orbán-staat moet nog worden ontmanteld – lagen van infiltratie, corruptie, kleptocratie en politisering in media, justitie, instellingen, universiteiten, banken, grote bedrijven enzovoort. Hoe stevig kan het oppositieblok dat de verkiezingen heeft gewonnen zichzelf heruitvinden als een regeringsblok? Hoe zwaar zal Orbán wegen in de oppositie? Is de nederlaag een kentering in het anti-EU-populisme of alleen een tijdelijk intermezzo in afwachting van belangrijkere verkiezingen in grotere lidstaten?

Magyar komt uit de stal van Orbán en moet zichzelf nog bewijzen als een Europese democraat aan de rechterzijde. Verwacht heus geen nieuwe cheerleader voor een Europees Oekraïne. De Europese Commissie staat al klaar met een lange eisenlijst in ruil voor geld. De slabakkende Hongaarse economie moet heropleven, terwijl de invloed van China en de energieafhankelijkheid van Rusland er moet verminderen.

De echte vraag is: hoe is het in godsnaam zover kunnen komen? Gaan we buitenlandse inmenging in Europese verkiezingen lijdzaam blijven ondergaan? Gaan we blijven gedogen hoe vijandige regimes ons van binnenuit ondermijnen? Gaan we blijven toelaten dat eender welke lidstaat de geopolitiek van de hele Europese Unie kan blokkeren? Moeten de Europese Unie en haar leidende figuren machteloos blijven toekijken terwijl ze als vijanden worden uitgespeeld in nationale verkiezingen? We moeten durven toegeven: Viktor Orbán en Hongarije hebben maar de status verworven die ze hebben doordat Europa dat collectief heeft laten gebeuren.

Natuurlijk: de Europese Unie, haar instellingen en procedures zijn nu eenmaal wat ze zijn. Europa is geen federale staat en nationale soevereiniteit weegt. De basisregels van de verdragen veranderen, is een politieke nachtmerrie. Maar niets belet lidstaten om samen verder te gaan als ze daarvoor kiezen, binnen de EU als versterkte samenwerking of daarnaast en flankerend. Het Hongaarse veto speelt alleen omdat er geen soortelijk gewicht is om het te overstijgen met een diepere laag van Europeanisering binnen een cluster van landen.

Waarom kiest geen enkele grote lidstaat echt voor een gemeenschappelijke Europese defensie? Waarom is er geen coalitie die op de financiële markten een slagkrachtig Oekraïnefonds opricht dat ze zelf onderschrijft? Waarom kiezen we geen duidelijke China-strategie voor heel Europa, in plaats van te vloeken over Hongarije? Waarom kon Commissievoorzitster Ursula von der Leyen in 2024 in geen enkele verkiezing Europees opkomen, terwijl ze als boeman op verkiezingsaffiches in Boedapest hing?

Ergens zijn we allemaal een beetje Orbán: het gewicht van het nationalisme, van het individuele nationale belang op de korte termijn, boven het gezamenlijke Europese belang op de lange termijn – dat speelt overal. De Europese Unie die werd gemaakt voor de globalisering moet nu de Europese geopolitiek maken. Geen enkele lidstaat heeft daarvoor gekozen bij zijn toetreding. Als we die keuze niet vroeg of laat expliciteren, zal Europa nooit uit de schaduw van Orbán geraken – in Hongarije of elders.

Marc De Vos is co-CEO van denktank Itinera, strategie consultant en doceert aan de UGent. www.marcdevos.eu 

Weergave van column in Trends, geschreven in eigen naam.