Naar overzicht

Ankara calling

Welke Donald Trump komt volgende week naar de NAVO-top in Ankara? De razende olifant in de porseleinkast, die de Europese NAVO-landen de levieten leest en dreigt met een Amerikaanse aftocht? Of de mildere versie van op de G7-top in Evian, waar de president zelfs een gezamenlijke verklaring over "onwankelbare steun" aan Oekraïne steunde? Niet dat de man veel maalt om officiële verklaringen, maar het is toch een contrast. 

Amerika heeft in het Midden-Oosten een heuse afgang beleefd. Met elke dag van schermutselingen, stoute Iraanse verklaringen en halfslachtig onderhandelingstheater wordt duidelijk dat Trump alles heeft toegegeven om de Straat van Hormuz toch maar open te krijgen. Zoals hij het zelf zei: hij wil geen tweede Herbert Hoover zijn, die als president een economische depressie overzag. Daarmee geeft Trump impliciet toe dat Teheran alle kaarten in handen heeft, en dus moet hij de vernedering slikken. Hij verkoopt die natuurlijk als een grote overwinning, maar iedereen weet dat de ayatollahs hem een lesje hebben geleerd. 

Trump gokte met Iran zoals hij vorig jaar gokte met China: een totale handelsoorlog zou Peking wel doen plooien. Maar Peking leerde Amerika de macht van het Chinese monopolie over zeldzame aardmetalen die geen enkel Amerikaans technologiebedrijf kan missen. Daarop volgde de-escalatie en een entente in plaats van een confrontatie. De tweederonde-effecten van de avonturen van Donald Trump zijn ook al niet mis. De nieuwste oliecrisis zal overal de shift naar postfossiele energie versnellen, een gigantisch economisch cadeau voor marktleider China, dat geopolitiek van de Amerikaanse zelfverminking slapend rijk wordt. 

Dan is er Oekraïne. Trump was lang zo overtuigd van de onvermijdelijkheid van een totale Russische overwinning dat hij zich gedroeg als de handpop van Poetin. Oekraïne en zijn president werden de wacht aangezegd. De Europese landen werden gedegradeerd tot beate kopers van Amerikaans oorlogsmaterieel, voer voor de Amerikaanse militair-industriële dominantie, terwijl Trump met het Kremlin over capitulatie improviseert. Maar zie, Oekraïne bleek niet alleen verrassend weerbaar, maar ook spectaculair innovatief in militaire technologie. De Europese landen zitten nog altijd met de daver op het lijf, maar gaan nu wel voluit voor herbewapening. Het tweederonde-effect daarvan is dat het Amerikaanse militair-industriële leiderschap meer Oekraïense en Europese concurrentie krijgt. 

Dat brengt ons bij de NAVO-top in Ankara, die voor het eerst mee in het teken van de defensie-industrie staat. Nu er ieder jaar honderden miljarden extra naar veiligheid en defensie gaan, nu defensie een modern technologieverhaal is, wordt de NAVO zowel een militair als een industrieel bondgenootschap. Daarmee komen de NAVO en de Europese Unie in elkaars vaarwater. De Europese Unie is het natuurlijke platform voor een gecoördineerde industriële ontwikkeling in Europa, op voorwaarde dat de EU-lidstaten bereid zijn dat gemeenschappelijk te organiseren. Wie niet voor meer defensie-Europa wil gaan, kan in de NAVO industrieel opschalen zonder te delen met andere Europese landen. Dat is hoe de NAVO altijd heeft gewerkt en het dient de industrie van de grootste NAVO-landen, de Verenigde Staten op kop. 

Psychologisch heeft Trump de NAVO van binnenuit getorpedeerd met dreigementen over Canada en Groenland. Niemand rekent er echt op dat de Verenigde Staten mee ten strijde zouden trekken, mocht Poetin een provocatie aandurven in een van de Baltische staten. Maar wie durft dan meer NAVO-uitgaven los te koppelen van meer Amerikaanse militair-technologische en -industriële dominantie? Dat is de belangrijkste vraag van Ankara. Zonder meer autonomie komt er misschien wel meer Europese veiligheid, maar niet meer soevereiniteit.

Marc De Vos De auteur is co-CEO van de denktank Itinera, strategieconsultant en doceert aan de UGent. www.marcdevos.eu

Weergave van column in Trends, geschreven in eigen naam.